Tool: De leugens voorbij

Doel:
Het doel van deze tool is een veilig klimaat te scheppen waarin kinderen zich veilig genoeg voelen om eerlijk te zijn.

Achtergrond informatie:
Er is een verschil tussen liegen en fantaseren.
Voor jonge kinderen lopen fantasie en werkelijkheid nog erg door elkaar. Dit hoort bij de normale ontwikkeling van een kind en heeft niets te maken met liegen. Voor (hoogbegaafde) kinderen met een sterke verbeeldingskracht kan het langer duren voordat ze fantasie en werkelijkheid goed kunnen onderscheiden.

Natuurlijk zijn er ook situaties waarin kinderen willens en wetens de werkelijkheid anders voorspiegelen.
Kinderen liegen om zichzelf te beschermen tegen kritiek, straf en veroordeling. Ze willen onder negatieve consequenties uitkomen. Ze denken dat een leugen de dingen makkelijker maakt voor henzelf en hun omgeving.
Vaak heeft liegen te maken met een laag zelfbeeld en wil degene die liegt zich beter voordoen. Boos worden om een leugen, straf geven of terechtwijzen, versterkt de angst voor afwijzing en versterkt juist de behoefte om te liegen. Zonder veroordeling, zelf eerlijk en duidelijk zijn over de feiten en op ondersteunende manier zoeken naar oplossingen werkt beter.

Werkwijze:

1. Stop met vragen te stellen die gericht zijn op ‘betrappen’:

  • “Heb je je kamer al opgeruimd?” als je al weet dat je kind dat nog niet heeft gedaan.
  • “Heb jij snoepjes gepikt” terwijl je de snoeppapiertjes achter zijn bed hebt gevonden.
  • “Heb je nog huiswerk deze week” als je op magister al lang hebt gezien dat dat zo is.

2. Wees zelf eerlijk en duidelijk over wat je denkt/weet.

  • “Ik zie dat je je kamer nog niet hebt opgeruimd. Wanneer ga je dat doen?”
  • “Ik heb gemerkt dat je zelf snoepjes uit de kast pakt; dat wil ik niet; laten we eens wat beter onderzoeken hoe we op een goede manier met snoepen om kunnen gaan?”
  • “Ik zag op magister dat je nog huiswerk hebt. Wat is je plan?”

3. Als je een fantasieverhaal niet gelooft, reageer in de trant van: “klinkt als een mooi verhaal”. Behandel het als een fantasie, waardeer de creativiteit en nodig uit om verder te fantaseren (zonder sarcasme).

4. Als je denkt dat je kind liegt, reageer in de trant van: “dat klinkt niet echt als de waarheid. Soms durven mensen de waarheid niet te vertellen omdat ze bang zijn dat anderen boos worden. Ik vraag me af of ik zo heftig reageer dat je me niet de waarheid durft te vertellen. Laten we even tot rust komen. Straks ben ik beschikbaar als je me wilt vertellen wat er voor jou speelt.”

5. Los het probleem op.
Stel je kind zegt dat hij niet gegeten heeft terwijl jij weet dat hij wel gegeten heeft. Waarom liegt hij? Heeft hij nog honger en mag hij niet eten als hij net gegeten heeft? Zoek naar mogelijke oplossingen om het ‘hongerprobleem’ op te lossen. Is het een manier om aandacht te krijgen? Zoek naar manieren om echt contact met elkaar te hebben.

6. Een andere mogelijkheid is om de leugen te negeren en je kind te helpen de werkelijkheid te onderzoeken.
Stel geïnteresseerde vragen zoals “wat gebeurde er? “verder nog iets?” “hoe voel je je daarover?” Hoe zou je het op kunnen lossen?” enz.
Stel alleen vragen als je werkelijk geïnteresseerd bent in hoe je kind over iets denkt.
Gebruik het NIET om hem te betrappen op een leugen.

Valkuilen en tips:

Ouders die veel bekritiseren, veroordelen en straffen hebben een grotere kans dat hun kind liegt om onder kritiek of consequenties uit te komen. Als je dit herkent werk dan bewust aan een andere manier van opvoeden zonder straffen en belonen en zonder veroordeling en terechtwijzing. Geef op een ondersteunende manier leiding. Laat je kind merken dat je onvoorwaardelijk van hem houdt, wat er ook gebeurt. Kinderen liegen omdat ze bang zijn dat ouders teleurgesteld in hen zijn als ze de waarheid weten.

Benader fouten als kansen om van te leren, zodat kinderen hun fouten niet hoeven te verdoezelen. Door ondersteunend te reageren leer je je kind dat het veilig is om de waarheid te vertellen.

Ouders schieten vaak behoorlijk in de stress als kun kind een leugen of een flauwekul verhaal vertelt. Pas op dat je er niet te zwaar aan tilt. Natuurlijk, ook ik hecht erg aan eerlijkheid. Dit is geen vrijbrief voor liegen, maar een beetje relativering is soms op zijn plaats.
Veel volwassenen liegen zelf ook: over dat Sinterklaas de pakjes op 5 december brengt, over dat ze de trui van een vriendin heel mooi vinden terwijl dat niet zo is, over dat hun kind pas 4 jaar oud is en dus gratis naar binnen mag terwijl het kind al 5 is, enzovoort. “Leugentjes om best wil” en om anderen niet voor het hoofd te stoten komen veelvuldig voor. En ook volwassenen zetten de waarheid wel eens naar hun hand om onder negatieve consequenties uit te komen.
Een leugen wil nog niet zeggen dat je kind voor galg en rad opgroeit. Bestempel je kind niet als leugenaar, maar zie hem gewoon als iemand die een leugen heeft verteld en help hem onderzoeken hoe hij wel eerlijk kan zijn.

Bron: Nelsen,J. , Lott, L. & Glenn, S. (2007) Positive Discipline A-Z; 1001 Solutions to Everyday Parenting Problems. New York: Three Rivers Press.

 

4 Comments

  • De adviezen hierboven zijn vast goed: vraag je af waarom jouw kind liegt en creëer vervolgens een veilige omgeving zodat hij geen reden heeft om te blijven liegen. Daar kun je het haast niet mee oneens zijn. Maar waarom doen ouders dat niet sowieso?

    Ouders hebben het zelf druk, hebben verantwoordelijkheden, staan onder druk en willen dan dat het kind ook af en toe meeloopt in de routine zodat ze hun volgende afspraak halen. Tja, en dan gaat het gelijk mis.

    Is het eigenlijke advies dat wij ouders steeds krijgen dan niet eigenlijk om ambities opzij te zetten, ontslag te nemen, kleiner te gaan wonen en meer aandacht en tijd aan de kinderen te besteden? Misschien, maar ik zie graag tips die het mogelijk maken om naast het ouderschap ook een eigen leven te leiden. Zelfs als ik een hoogbegaafd kind heb.

    • Beste Xander,
      Dank je wel voor je reactie.
      Als ik je goed begrijp zeg jij dat ouders niet altijd tijd hebben om er op de goede manier mee om te gaan. Ze moeten ook een eigen leven kunnen leiden. Met dat laatste ben ik het volledig eens. Ik denk alleen niet dat ‘tijd’ de bepalende factor is. Boos worden op een kind omdat het liegt en een escalerend conflict uitpraten kost ook heel veel tijd.

      Ik denk dat veel van ons gewoon niet goed weten hoe we het anders dan met straf op kunnen lossen. We hebben met de paplepel ingegoten gekregen dat kinderen negatieve consequenties moeten ervaren om zich beter te gedragen (de meeste oudercursussen zijn nog steeds op dit uitgangspunt gebaseerd). Boos worden en veroordelen zit ingebakken en kost moeite om te veranderen. Bovendien moet je je eigen emoties beteugelen en dat valt ook niet altijd mee.

      Ik denk dat het juist beter op te brengen is om echte aandacht te geven en ondersteunend te zijn als je zelf lekker in je vel zit. Ambities opzij zetten, ontslag nemen enz. om alle aandacht aan de kinderen te kunnen geven lijkt me dan ook niet de oplossing. Natuurlijk is het belangrijk om voldoende tijd voor elkaar te hebben, maar ik moedig ouders juist aan om heel bewust die dingen te doen waar ze zelf voldoening en energie uit halen. Het zal niet voor iedereen gelden maar ik denk dat veel ouders ook andere input dan het contact met de kinderen nodig hebben om goed te kunnen functioneren. Concrete tips zijn zo afhankelijk van wie je bent en wat er speelt dat ik die niet uit mijn mouw kan schudden. Ik weet wel dat het vaak veel ruimte kan geven om ineffectieve interactiepatronen te veranderen; van steeds brandjes moeten blussen naar proactief. Als je wilt dat ik een keer met je meedenk kan je gebruik maken van het gratis skype advies.
      Hartelijke groet, Marieke van der Zee

  • Met heel veel belangstelling heb ik je artikelen gelezen. Dank je wel. Ik ben gaan lezen omdat wij gisteren hebben ontdekt dat onze hoogbegaafde zoon van 18 heeft gelogen tegen zijn werkgever en ons. Hij werkte in de avonduren als afwasser, had zijn vakantie niet geregeld en is in paniek geraakt, gelogen, ontslagen en nu pas na een paar weken aan ons verteld.

    Alles wat je hier omschrijft herken ik in hem. In onze manier van reageren. Hij moet echt hopeloos zijn geweest.

    Met jouw tips van gespreksvoeding is er veel losgekomen.

    Dank je.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *